Category

nieuws

Rechter verzoekt om coulance bij naheffingen parkeerbelasting

By nieuws

Op veel plaatsen in Nederland mag u slechts tegen betaling parkeren. Betaalt u niet of te weinig, dan kan er een naheffing parkeerbelasting volgen. De rechtbank Oost-Brabant heeft in een uitspraak aangegeven dat in bepaalde gevallen meer coulant moet kunnen worden opgetreden ten aanzien van de naheffing.

Parkeerbelasting

Auto

Als u geen of te weinig parkeerbelasting betaalt, kunt u een naheffing parkeerbelasting krijgen. U betaalt dan in beginsel voor een parkeertijd van één uur, daar bovenop komen de kosten van het handhaven van de parkeerbelasting. Deze kosten kunnen in 2025 maximaal € 78,80 bedragen.

Maatwerk

In bovengenoemde rechtszaak beklaagde de rechtbank zich erover dat er geen wettelijke mogelijkheid is om bij een naheffing parkeerbelasting maatwerk te leveren. Anders gezegd, de rechtbank kan de kosten bij een naheffing parkeerbelasting niet matigen. De rechtbank heeft hierover vragen gesteld aan de Hoge Raad, maar ook die was van mening dat rechters die bevoegdheid niet hebben.

Vergissing vader

In de betreffende rechtszaak had een parkeerder verzocht om coulance, omdat zijn vader, bij wie hij op bezoek was, een vergissing had gemaakt met een betaling via een parkeerapp. Uit de feiten bleek dat in het verleden wel altijd foutloos betaald was, reden waarom de parkeerder verzocht om coulance.

Signaal aan wetgever

Omdat ook de Hoge Raad van mening was dat een rechter geen coulancemogelijkheden heeft, besloot de rechtbank het signaal door te geven aan de wetgever. De rechtbank stelt dat coulance soms nodig is, onder meer om het vertrouwen van de maatschappij in de rechtspraak niet te ondermijnen.

Rechtbank Overijssel wel coulant

Opvallend is dat de rechtbank Overijssel in een uitspraak uit 2021 de opgelegde sanctie, gelet op de feiten van het geval, wel buitenproportioneel achtte en de naheffing matigde tot € 15. In hoger beroep oordeelde het Hof Leeuwarden echter dat er volgens de wet geen ruimte is voor matiging. Omdat de parkeerder en de gemeente er bij het Hof echter op aandrongen de naheffing, gelet op de bijzondere omstandigheden, toch te vernietigen, besloot het Hof dit voorstel te volgen.

Ook bij outdoor 9% btw mogelijk

By nieuws

Voor het gelegenheid geven tot sportbeoefening door commerciële aanbieders in of vanuit een (sport)accommodatie geldt het 9% btw-tarief. Bij de Hoge Raad lag de vraag voor of dit verlaagde btw-tarief ook kan worden toegepast bij outdooractiviteiten op openbaar terrein.

Sport in een accommodatie

Kano

Het 9% btw-tarief geldt voor het gelegenheid geven tot sportbeoefening in een (sport) accommodatie. In het verleden besliste de Hoge Raad al dat sprake moet zijn van een exclusief gebruiksrecht van de ‘accommodatie’ waar de sportactiviteiten plaatsvinden. U kunt hierbij denken aan een sporthal of sportveld, maar ook een afgebakende weg die exclusief gebruikt wordt voor de sportactiviteit.

Sport vanuit een accommodatie

Het 9% btw-tarief kan ook van toepassing zijn als de sportbeoefening niet plaatsvindt in een sportaccommodatie, maar vanuit een andere accommodatie. Het werkelijke sporten hoeft dan niet plaats te vinden op een afgebakende weg of stuk grond.  De accommodatie moet wel noodzakelijk zijn voor de sportbeoefening, bijvoorbeeld voor het gereedmaken van de sporters vooraf aan het sporten of na afloop van het sporten.

Outdoor

Bij de Hoge Raad lagen casussen voor van ondernemers die surflessen en andere sportieve outdooractiviteiten verzorgden op een openbaar stuk strand. De ondernemer die surflessen verzorgde had op het strand zeecontainers geplaatst met een ontvangstruimte en kleedruimtes en aan de buitenzijde douches. De containers werden ook gebruikt voor de voorbereiding en de afronding van de surflessen. De ondernemers die andere sportieve outdooractiviteiten verrichtten deden dat vanuit een strandpaviljoen. De deelnemers aan de activiteiten konden zich hier omkleden en ontvingen hier instructie.

Hoge Raad: toch 9% btw

Hoewel de rechtbanken oordeelden dat het 9% btw-tarief hier van toepassing was, oordeelden de gerechtshoven dat dit niet het geval was. De Hoge Raad was het echter eens met de rechtbanken: het 9% btw-tarief was van toepassing. Ook als het gebruik van de accommodatie op zichzelf niet noodzakelijk is voor het sporten, kan toch het 9% btw-tarief van toepassing zijn als de accommodatie gebruikt wordt voor het geven van instructie en/of als de sporters zich hier gereedmaken voor de sport, aldus de Hoge Raad.

Tip! Door de uitspraak van de Hoge Raad kan, in meer gevallen dan de Belastingdienst tot op heden voor ogen had, het 9% btw-tarief van toepassing zijn.

Let op! Het gaat hierbij om sporten bij commerciële, dat wil zeggen winstbeogende aanbieders. Voor sporten bij niet-winst beogende aanbieders, denk aan de plaatselijke voetbalvereniging of de hockeyclub, geldt namelijk een btw-vrijstelling.

Vanaf 2026 21%?

Eind vorige jaar is het voorstel aangenomen om de btw op sport aangeboden door commerciële aanbieders te verhogen van 9 naar 21% btw. De minister heeft echter toegezegd om de verhoging niet door te laten gaan en te zoeken naar een alternatieve dekking van de budgettaire derving als gevolg hiervan. Het streven is om hier voor 1 juli 2025 meer duidelijkheid over te hebben. Tot die tijd hoeft u op vooruitbetalingen die betrekking hebben op activiteiten die vanaf 2026 plaatsvinden nog geen rekening te houden met een btw-verhoging van 9 naar 21% btw.

Online aanvragen Verklaring betalingsgedrag

By nieuws

Heeft u een Verklaring betalingsgedrag nodig? Dan kunt u dat nu ook online doen. Dat scheelt papier en waarschijnlijk heeft u de verklaring ook sneller.

Verklaring betalingsgedrag

Belastingdienst

Een inlener of doorlener aan wie u personeel uitleent of de aannemer door wie u als onderaannemer wordt ingeschakeld kan u vragen om een Verklaring betalingsgedrag te overleggen. Met zo’n verklaring kunt u aantonen dat u aan uw aangifte- en betalingsverplichtingen voor de loonheffingen en/of btw voldoet. Dit is voor de inlener, doorlener of aannemer van belang, omdat aansprakelijk gesteld kan worden als u niet aan deze verplichtingen voldoet.

Tip! Lees op de website van de Belastingdienst meer over de Verklaring betalingsgedrag voor een uitlener en over de Verklaring betalingsgedrag voor een onderaannemer.

Ook in andere gevallen kan iemand u vragen aan te tonen dat u aan uw aangifte- en betalingsverplichtingen voldoet, bijvoorbeeld bij een aanbestedingsprocedure of een vergunningsaanvraag. Lees meer over deze Verklaring betalingsgedrag nakoming fiscale verplichtingen op de website van de Belastingdienst.

Online aanvragen

Het online aanvragen van een Verklaring betalingsgedrag doet u met Digid. Aanvragen met eHerkenning is helaas nog niet mogelijk. Daarvoor moet u dus nog de pdf van de website van de Belastingdienst downloaden en deze schriftelijk indienen. In de loop van 2025 wordt het online aanvragen met eHerkenning wel mogelijk gemaakt.

Tip! Als u al periodiek een Verklaring betalingsgedrag van de Belastingdienst ontvangt, hoeft u niet in actie te komen. Het is dus niet nodig om dit nogmaals online aan te vragen.

Antwoord binnen 1 week

De Belastingdienst streeft ernaar om binnen één week op uw online aanvraag te beslissen. De Verklaring betalingsgedrag wordt dan naar het bij de Belastingdienst bekende woon- of vestigingsadres gezonden.

Loonheffing bij feest op de zaak of elders?

By nieuws

Als u een feest organiseert voor uw personeel, moet u er rekening mee houden dat dit mogelijk wordt aangemerkt als loon voor uw werknemers voor de loonheffingen. Of dat zo is, hangt af van de plek van het feest en welke keuzes u maakt.

Feest op de zaak

Horeca

Organiseert u een feest op de zaak, dan is dat over het algemeen voor de loonheffingen de goedkoopste optie. Voor drinken en borrelhapjes, eventuele huur van tafels en stoelen of de kosten van een optreden van een band hoeft u namelijk niets tot het loon van uw werknemers voor de loonheffingen te rekenen.

Let op! Als op het feest ook een maaltijd genuttigd wordt, moet u in 2025 wel € 3,95 per maaltijd tot het loon van de werknemer rekenen. Neemt de werknemer ook zijn partner mee, dan telt u 2 x € 3,95 tot het loon van uw werknemer.

Werkkostenregeling

Meestal kiezen werkgevers er echter voor om het maaltijdforfait aan te wijzen als eindheffingsloon in de vrije ruimte van de werkkostenregeling (WKR). De werknemers betalen dan geen belasting hierover. U als werkgever misschien wel, maar dat is afhankelijk van de hoogte van de vrije ruimte en de overige eindheffingsloonbestanddelen die in 2025 aangewezen worden in die vrije ruimte. Bij overschrijding van de vrije ruimte betaalt u 80% eindheffing over de overschrijding.

Feest elders

Organiseert u het feest elders, bijvoorbeeld in een bar of restaurant, dan vormen alle kosten die u maakt loon voor uw werknemers voor de werkelijke kosten. U kunt de maaltijd dan dus niet ‘afkopen’ voor € 3,95 per werknemer. Ook de kosten voor bijvoorbeeld een band die u dan inhuurt, vormen loon voor uw werknemers.

Tip!Houdt u een feest elders, dan kunt u ervoor kiezen om de kosten aan te wijzen als eindheffingsloon in de vrije ruimte. Uw werknemers betalen dan geen belasting en u betaalt alleen belasting als u in 2025 uw vrije ruimte overschrijdt.

Let op! Om aan te kunnen wijzen als eindheffingsloon moeten de kosten overigens wel gebruikelijk zijn. Maakt u ongebruikelijke kosten die een vergelijkbare werkgever niet zou maken voor vergelijkbare werknemers, dan kan de Belastingdienst met een beroep op de gebruikelijkheidstoets de aanwijzing in de vrije ruimte weigeren.

Eisen inzake laden en lossen gelden per parkeeractie

By nieuws

Op veel plaatsen in Nederland moet betaald worden voor het parkeren van uw auto. Er hoeft echter niet betaald te worden als er sprake is van laden en lossen, in plaats van parkeren. In een arrest van de Hoge Raad heeft deze beslist dat per parkeeractie bekeken moet worden of hiervan sprake is.

Laden / lossen

Navigatie

In het verleden is al beslist dat onder laden en lossen wordt verstaan: “het bij voortduring in- of uitladen van zaken van enige omvang of gewicht, onmiddellijk nadat het voertuig tot stilstand is gebracht en gedurende de tijd die daarvoor nodig is”. Daarbij moeten deze zaken een dusdanige omvang of gewicht hebben dat ze niet of moeilijk anders dan per auto gehaald of gebracht kunnen worden. 

Pakketbezorger

In bovengenoemd arrest van de Hoge Raad handelde het om een bezorger van groente- en fruitpakketten. De bezorger had tijdens het laden en lossen van de pakketten geen parkeerbelasting betaald en twee naheffingen parkeerbelasting gekregen. Daarop stapte de bezorger naar de rechter.

Soms ook anders dan per auto mogelijk?

De zaak kwam voor bij het gerechtshof in Den Haag. Die besliste dat er sprake was van laden en lossen en dat er dus geen parkeerbelasting verschuldigd was. Het Hof baseerde dit onder meer op het feit dat door de bezorger meerdere pakketten bezorgd werden en dat er ook lege verpakkingen retour werden genomen. Dat dit in sommige gevallen ook anders dan per auto had gekund, was volgens het Hof niet van belang. 

Hoge Raad: oordelen per parkeeractie

Deze laatste zienswijze van het Hof is volgens de Hoge Raad onjuist. Of er door de pakketbezorger meerdere pakketten bezorgd worden of nog bezorgd moeten worden, is niet van belang. Er moet per parkeeractie bekeken worden of aan de eisen inzake laden en lossen wordt voldaan, aldus de Hoge Raad.

Bewijslast

De Hoge Raad verwijst de zaak naar het Hof Amsterdam. Hier zal onderzocht moeten worden of bij de betreffende parkeeracties waarbij een naheffing parkeerbelasting werd opgelegd, sprake was van laden en lossen. De bewijslast hiervoor ligt bij de pakketbezorger.

Code 22 voor gedetacheerde WSW’ers in aangifte loonheffingen

By nieuws

Voor WSW’ers die u detacheert bij een reguliere werkgever, gebruikt u vanaf 2025 in uw aangifte loonheffingen code aard arbeidsverhouding 22.

WSW

Laptop

Via de Wet sociale werkvoorziening (WSW) kunnen mensen met een handicap met aanpassingen en begeleiding werken in de sociale werkvoorziening of met subsidie bij een reguliere werkgever. De WSW geldt alleen voor mensen die op 31 december 2014 al een WSW-indicatie hadden en op die datum al werkten in de sociale werkvoorziening of bij een reguliere werkgever.

Code aangifte loonheffingen

De afgelopen jaren mochten bedrijven in de sociale werkvoorziening ook code 21 gebruiken in de aangifte loonheffingen als ze in hun administratie nog geen onderscheid maakten tussen code 21 en code 22. Vanaf 2025 mag dat dus niet meer en moeten zij voor een reguliere werkgever gedetacheerde WSW’er code 22 gebruiken.

Kabinet overweegt verhoging hoge btw-tarief

By nieuws

Het kabinet overweegt het hoge btw-tarief van 21% te verhogen naar 21,4%. De verhoging is één van de opties om dekking te vinden voor het tekort van € 1,2 miljard dat ontstond toen besloten werd de btw op sport, cultuur en boeken niet te verhogen.

Hoge btw-tarief

Kassabon

Het hoge btw-tarief van 21% geldt voor de meeste goederen en diensten. Voor een beperkte groep is het lage btw-tarief van 9% van toepassing, zoals voor de meeste levensmiddelen.

Andere opties

Staatssecretaris Van Oostenbruggen zal op korte termijn de Tweede Kamer meerdere opties aanbieden om het gat op de begroting te dekken.

Naast de bovengenoemde verhoging is een andere optie die overwogen zou worden een uniformering van beide btw-tarieven. De tarieven van 9 en 21% en zouden dan vervangen worden door één tarief van 17 à 18%. Dit zou € 1,3 miljard opleveren.

Nog een mogelijkheid die wordt aangedragen is het verhogen van het lage btw-tarief van 9% naar 21% voor een beperkte groep goederen en diensten.

Weerstand

De verwachting is dat een verhoging van het hoge of het lage btw-tarief op flinke weerstand zal stuiten vanuit de diverse sectoren, maar ook vanuit de politiek.

Voorlopige forfaits banktegoeden en schulden box 3 2025 bekend

By nieuws

De voorlopige forfaits voor het rendement van banktegoeden en schulden in box 3 voor 2025 zijn bekend. De Belastingdienst gebruikt deze forfaits voor het berekenen van de voorlopige aanslag inkomstenbelasting 2025.

Geen werkelijk rendement in voorlopige aanslag

Geld

Bij het berekenen van de voorlopige aanslag houdt de Belastingdienst geen rekening met uw werkelijke rendement in 2025. Door verschillende uitspraken van de Hoge Raad in 2024 moet de Belastingdienst uw box 3-heffing vaststellen op basis van uw werkelijke rendement als dit lager is dan de box 3-heffing berekend op grond van de forfaitaire rendementspercentages. Het werkelijke rendement kan echter pas na afloop van 2025 berekend worden.

Let op! De Hoge Raad heeft in de verschillende uitspraken ook aanwijzingen gegeven over de wijze waarop uw werkelijke rendement berekend moet worden. Houd er rekening mee dat wat u verstaat onder werkelijk rendement wellicht anders is dan de invulling die de Hoge Raad daaraan geeft. Zo rekent de Hoge Raad bijvoorbeeld ook waardestijgingen tot uw werkelijke rendement en mag u bijvoorbeeld geen kosten in aftrek brengen.

Voorlopige en definitieve forfaits 2025

Bij het berekenen van uw box 3-heffing in de voorlopige aanslag IB 2025 rekent de Belastingdienst met een voorlopig vastgesteld forfaitair rendement van 1,44% voor banktegoeden en 2,62% voor schulden. Het definitieve forfaitaire rendement voor banktegoeden en schulden worden pas begin 2026 bekendgemaakt.

Voor alle overige bezittingen in box 3 is het forfaitaire rendement voor 2025 wel al definitief vastgesteld. Dit bedraagt in 2025 5,88%.

DEI+-subsidie aanvragen vanaf 28 januari

By nieuws

Ondernemers kunnen de subsidie Demonstratie Energie- en Klimaatinnovatie (DEI+) vanaf 28 januari 2025 weer aanvragen. Met behulp van de subsidie kunnen plannen getest worden, gericht op het verminderen van energieverbruik of CO2-uitstoot.

Thema’s

Windmolen

De te subsidiëren innovaties kunnen betrekking hebben op onderstaande thema’s:

  • Energie- en klimaatinnovaties: voor innovatieve projecten in de industrie, elektriciteitssector en gebouwde omgeving, zoals hernieuwbare energie, CO2-afvang, waterstof of flexibele energie-infrastructuur.
  • Vergassing van reststromen: voor het omzetten van reststromen in groen gas, methanol, transportbrandstoffen, chemicaliën of syngas voor industrieel gebruik.
  • Aardgasloze gebouwde omgeving: voor het zonder aardgas maken van woningen, woongebouwen, gebouwen zonder woonfunctie (utiliteitsbouw) of wijken.
  • Circulaire economie: voor het recyclen van materialen of het geschikt maken van installaties voor gerecycled materiaal of voor het inzetten van grondstoffen die afkomstig zijn van biomassa.

Vooraf toetsen mogelijk

U kunt vooraf eventueel uw innovatieve ideeën laten testen. Op deze manier kunt u ook feedback krijgen over uw plannen, de haalbaarheid en de kans op succes ervan inschatten. Ook kan men u informeren of er wellicht nog andere subsidiemogelijkheden zijn voor uw ideeën.

Budget

Voor de DEI+ is voor deze aanvraagperiode in totaal € 390 miljoen aan subsidie beschikbaar. Dit is € 65 miljoen meer dan vorig jaar.

Aanvragen

U kunt de subsidie DEI+ aanvragen bij RVO.nl. De subsidie is aan te vragen vanaf 28 januari 2025 9.00 uur tot en met 28 augustus 2025 17.00 uur. Aanvragen kan alleen met behulp van eHerkenning niveau eH3.

Tip! U kunt zich aanmelden voor een gratis webinar van de RVO waar alles over de DEI+-subsidie wordt uitgelegd.

Wetsvoorstel nieuw box 3-stelsel ongewijzigd

By nieuws

De staatssecretaris van Financiën heeft laten weten dat hij van plan is om het wetsvoorstel voor een nieuw box 3-stelsel ongewijzigd aan de Tweede Kamer aan te bieden. In december 2024 adviseerde de Raad van State nog om dit wetsvoorstel aan te passen.

Beste optie

Kantoor

Eind 2024 werd nog bekend dat de invoering van een nieuw box 3-stelsel was uitgesteld naar 2028. Daaraan voorafgaand had de Raad van State een negatief advies uitgebracht over het wetsvoorstel voor dit nieuwe box 3-stelsel: de Wet werkelijk rendement box 3. De staatssecretaris heeft nu laten weten dat het kabinet dit wetsvoorstel echter toch de beste optie vindt.

Let op! Voor invoering per 2028 is het wel noodzakelijk dat het wetsvoorstel uiterlijk 15 maart 2026 door de Tweede Kamer is aangenomen.

Wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3

Met het wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 wordt vanaf – beoogd – 2028 het werkelijke rendement in box 3 belast. Dit rendement betreft zowel het directe rendement (denk aan rente, huur en dividend na aftrek van kosten), als wel het indirecte rendement (de positieve én negatieve waardeontwikkeling van het vermogen).

Hoofdregel voor het belasten van de waardeontwikkeling is in het wetsvoorstel een vermogensaanwasbelasting, waarbij zowel gerealiseerde als ongerealiseerde waardeontwikkelingen meegenomen worden. Alleen voor onroerende zaken en aandelen in startups is in het wetsvoorstel een vermogenswinstbelasting voorgesteld. De waardeontwikkeling van deze vermogensbestanddelen wordt dan alleen meegenomen bij realisatie, bijvoorbeeld bij verkoop.