Category

nieuws

Kosten aftrekbaar ondanks gedeeltelijke winstvrijstelling?

By nieuws

Landbouwvrijstelling

Bovenstaande discussie speelde zich af bij een zaak bij rechtbank Noord-Holland waarbij het ging om de landbouwvrijstelling. Deze vrijstelling van de winst geldt voor waardeveranderingen van landbouwgronden die niet zijn ontstaan door de bedrijfsvoering of door bestemmingswijziging. De winst bij verkoop van de grond is dus onbelast, maar een eventueel verlies is ook niet aftrekbaar.

Makelaarskosten aftrekbaar?

In genoemde zaak ging het om een vof waarin drie agrariërs een veehouderij en kaasmakerij uitoefenden. Bij staking van het bedrijf realiseerden zij een stakingswinst van ruim € 6,2 miljoen, waarvan € 938.000 belast was en de rest vrijgesteld was ingevolge de landbouwvrijstelling. Voor de rechtbank stond de vraag centraal of de bij verkoop gemaakte makelaarskosten integraal aftrekbaar waren.

Direct op de verkoop drukkende kosten

De rechtbank stelde vast dat ‘direct op de verkoop drukkende kosten’ eerst op de onder de landbouwvrijstelling vrijgestelde opbrengst in mindering moesten worden gebracht. Omdat het overgrote deel van de stakingswinst was vrijgesteld, betekende dit dat ook van de makelaarskosten van € 54.000 nog geen € 7.000 in aftrek kwam op de winst. De rechtbank stelde de inspecteur dan ook in het gelijk.

Vanaf 1 mei ander rekeningnummer voor Belastingdienst

By nieuws

Wat betekent dit voor jou?

Als je belasting moet betalen, krijg je hierover bericht van de Belastingdienst. Het nieuwe rekeningnummer staat bij het bericht over de te betalen belasting.

Let op! Het nieuwe rekeningnummer heeft geen gevolgen voor de manier van betalen. Zo blijven bijvoorbeeld internetbetalingen gewoon mogelijk.

Het meest gebruikte nieuwe rekeningnummer van de Belastingdienst wordt NL04 RABO 0200112244. Maar let op, voor sommige belastingen worden andere nieuwe rekeningnummers gebruikt.

Let op bij periodieke betalingen

Betaal je de Belastingdienst periodiek via een automatische incasso, dan hoef je niets te doen. De betalingen worden automatisch overgemaakt naar het nieuwe rekeningnummer.

Je moet alleen opletten wanneer je een periodieke betaling anders hebt geregeld, bijvoorbeeld via een periodieke overboeking bij je bank. In dat geval moet je wel zelf zorgen dat het rekeningnummer wordt aangepast.

Gebruik oude nummer gaat (nog) goed

Gebruik je per ongeluk het ‘oude’ rekeningnummer voor een betaling aan de Belastingdienst, dan wordt je betaling vooralsnog gewoon doorgesluisd naar de Belastingdienst en daar verwerkt. De Belastingdienst heeft hierover afspraken gemaakt met de ING, zodat belastingplichtigen niet de dupe worden.

Vanaf 20 april 2026 ander nummer inkomstenbelasting

Voor het betalen van een voorlopige of definitieve aanslag inkomstenbelasting, kun je al vanaf 20 april 2026 het nieuwe rekeningnummer gebruiken. 

Toeslagen

De Dienst Toeslagen stapt ook over naar de Rabobank en heeft vanaf 1 mei 2026 dus ook een nieuw rekeningnummer. Vanaf die datum kun je aan de Dienst Toeslagen betalen op het nieuwe rekeningnummer NL04 RABO 0200112244. Uitbetalen vanaf dit nummer doet de Dienst Toeslagen voor het eerst op maandag 22 juni 2026.

Let op!Ook hier geldt dat bij betaling op het oude rekeningnummer, de betaling vooralsnog wordt doorgesluisd naar het nieuwe rekeningnummer.

Belastingdienst waarschuwt voor phishing

Vanwege de wijziging van de rekeningnummers, waarschuwt de Belastingdienst nadrukkelijk voor phishing. Criminelen proberen namelijk regelmatig via e-mail, sms, whatsapp of per telefoon een niet-bestaande belastingschuld bij belastingplichtigen te innen. De Belastingdienst int belastingen echter nooit op die manier. Twijfelt u of een bericht echt is, volg dan het stappenplan op de website van de Belastingdienst en controleer het rekeningnummer. 

 

Youngtimer per 1 januari 2027 naar privé?

By nieuws

Youngtimerregeling

Met ingang van 1 januari 2027 bedraagt de bijtelling voor privégebruik van een auto die 25 jaar (en langer) geleden voor het eerst in gebruik is genomen, 35% van de waarde in het economisch verkeer. Alle jongere auto’s vallen onder de gewone bijtellingsregels. Tot en met 2025 lag de leeftijdsgrens voor de youngtimerregeling nog op 15 jaar, in 2026 ligt deze leeftijdsgrens op 16 jaar.

In verband met deze wijzigingen, is het wellicht fiscaal aantrekkelijker om de youngtimer niet langer zakelijk te rijden. Maar kunt u de youngtimer zonder meer overbrengen naar privé?

IB-onderneming

Rijdt u de youngtimer vanuit uw onderneming in de inkomstenbelasting (IB-onderneming), bijvoorbeeld vanuit uw eenmanszaak, en heeft u de auto als ondernemingsvermogen geëtiketteerd? Dan kun je de auto niet zonder meer overbrengen naar privé. Zo’n keuzeherziening is alleen toegestaan bij bijzondere omstandigheden.

Gelukkig heeft de Belastingdienst laten weten dat de wetswijziging waarbij de leeftijdsgrens wordt verhoogd naar 25 jaar zo’n bijzondere omstandigheid kan zijn. Je moet dan wel aannemelijk maken dat je de auto bij aanschaf niet als ondernemingsvermogen had geëtiketteerd als de leeftijdsgrens toen ook al op 25 jaar had gelegen. Dat aannemelijk maken zal over het algemeen niet zo moeilijk zijn.

Let op! Het bovenstaande is alleen van toepassing als de auto keuzevermogen vormt. Is de auto verplicht ondernemingsvermogen, dan kunt u deze niet etiketteren als privévermogen. Neem voor meer informatie over uw eigen situatie contact op met onze adviseurs.

Bv

Is de youngtimer vanuit uw bv aan u ter beschikking gesteld? Dan kunt u de youngtimer naar privé overbrengen door deze tegen de waarde in het economisch verkeer in privé te kopen. In tegenstelling tot de situatie bij een IB-onderneming- heeft u hiervoor geen bijzondere omstandigheden nodig.

Nog wachten?

Wellicht is het verstandig om nog even te wachten met een definitief besluit over het overbrengen van de youngtimer naar privé. De Tweede kamer heeft de regering namelijk verzocht om de verhoging naar 25 jaar vanaf 1 januari 2027 geleidelijk te laten plaatsvinden en niet in één keer. Dit zou dan wel gecombineerd kunnen worden met een hoger bijtellingspercentage dan 35% over de waarde in het economisch verkeer.

Let op! Het is op dit moment nog niet bekend of en zo ja hoe, de regering aan het verzoek tegemoet komt.

Uitbreiding OSS, deels al vanaf 1 januari 2027

By nieuws

OSS

Lever je als in Nederland gevestigde btw-ondernemer goederen of diensten aan klanten in een ander EU-land die geen btw-aangifte doen? En moet je de over die goederen of diensten verschuldigde btw aangeven in dat andere EU-land? Dan kun je er in een aantal situaties voor kiezen om de verschuldigde buitenlandse btw aan te geven via een zogenoemde OSS-aangifte.

De OSS staat voor One Stop Shop en biedt je de mogelijkheid om via het éénloketsysteem in Nederland, de btw aan te geven die je in het ander EU-land verschuldigd bent. Dat doe je dan één keer per kwartaal. De Belastingdienst stuurt dan je melding en betaling naar de Belastingdienst van dat andere EU-land.

Uitbreiding OSS

In het op 26 maart 2026 bij de Tweede Kamer ingediende wetvoorstel ‘Wet implementatie Richtlijn btw in het digitale tijdperk – enkele btw-registratie’ wordt de OSS vanaf 1 januari 2027 uitgebreid voor leveringen van elektriciteit, gas, warmte en koude aan consumenten (B2C-leveringen ofwel Business to Consumer leveringen).

Daarnaast wordt in het wetsvoorstel de OSS per 1 juli 2028 verder uitgebreid voor B2C-montageleveringen, B2C-leveringen aan boord van schepen, luchtvaartuigen of treinen, en bepaalde binnenlandse B2C-leveringen.

Verder wordt in het wetsvoorstel vanaf 1 juli 2028 een nieuwe btw-regeling geïntroduceerd voor de overbrenging van eigen goederen, de zogenoemde overbrengingsregeling.

Uitbreiding btw-verleggingsregelingen

Vanwege het wetsvoorstel wordt per 1 juli 2028 ook een aanvullende verleggingsregeling ingevoerd. Dat leidt ertoe dat buitenlandse ondernemers die in Nederland zijn gevestigd en hier geen vaste inrichting en Nederlands btw-identificatienummer hebben, de verschuldigde btw vaker kunnen verleggen naar de Nederlandse afnemer.

Implementatie onderdeel ‘enkele btw-registratie’ van de Europese VIDA-richtlijn

De voorgestelde wetswijzigingen gaan over een van de drie onderwerpen uit de Europese richtlijn “VAT In the Digital Age” (hierna: VIDA-richtlijn). De andere twee onderwerpen worden via aparte wetsvoorstellen geïmplementeerd in de Nederlandse btw-wetgeving. De Europese VIDA-richtlijn gaat over de volgende drie onderwerpen:

  1. De introductie van elektronische facturering en digitale rapportageverplichtingen (vanaf 1 juli 2030).
  2. Regels voor de platformeconomie in de vorm van de invoering van een zogenoemde platformfictie voor het verrichten van bepaalde diensten (vanaf uiterlijk 1 juli 2028). 
  3. De enkele btw-registratie (gedeeltelijk vanaf 1 januari 2027 en voor het grootste deel vanaf 1 juli 2028). Voor dit onderdeel is dus op 26 maart 2026 het hiervoor vermelde Nederlandse wetsvoorstel ingediend.

Waarom wordt de OSS uitgebreid?

De OSS wordt uitgebreid om de administratieve lasten te verlichten voor ondernemers met grensoverschrijdende transacties aan consumenten in andere EU-landen en om belemmeringen voor hun deelname aan de interne markt weg te nemen. 

Door de uitbreiding van de OSS krijgen ondernemers de mogelijkheid om zich voor meer B2C-leveringen in één EU-land te registreren voor de btw. In dat EU-land kunnen die ondernemers de in de andere EU-landen verschuldigde btw aangeven en afdragen. Dit vermindert de administratieve lasten.

Let op! Een ondernemer is niet verplicht om voor de OSS te kiezen. Een ondernemer kan de eventueel in het buitenland betaalde btw op inkopen en investeringen niet in aftrek brengen in de OSS-aangifte. Dit kan een reden zijn om niet te kiezen voor de OSS en toch buitenlandse btw-aangiften te blijven doen

Let op!Het wetsvoorstel is nu nog in behandeling bij de Tweede Kamer. Als de Tweede Kamer instemt, moet daarna ook de Eerste Kamer nog instemmen.

Verhoging aftrek verblijfkosten eigen rijders

By nieuws

€ 52 per dag

Voor 2026 is het bedrag vastgesteld op € 52 per dag, ofwel een verhoging van € 2 ten opzichte van vorig jaar. Het bedrag van € 52 per dag is voor de transportondernemer aftrekbaar van de winst. 

Voorwaarden

Het bedrag is alleen aftrekbaar als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:

  • De rit duurt langer dan 24 uur.
  • De verste bestemming mag niet in Nederland liggen. Er is geen maximum afstand. De regeling geldt voor alle meerdaagse ritten in dat jaar.
  • Het aantal gereden dagen moet je kunnen aantonen, bijvoorbeeld met facturen, tachograafschijven of rittenstaten.
  • De vertrek- en terugkomdag tellen elk mee voor een halve dag.
  • Je geeft de winst aan in de aangifte inkomstenbelasting.

Optioneel

De regeling is optioneel. Je mag er ieder jaar opnieuw voor kiezen de regeling al dan niet te gebruiken. Als je de regeling gebruikt, hoef je de verblijfkosten niet aan te tonen met facturen en dergelijke. Dat moet wel als je de regeling niet gebruikt en je de werkelijke verblijfkosten in aftrek wilt brengen. Dit is dus alleen voordelig als de aftrek per saldo hoger uitvalt dan € 52 per dag.

Let op! Daarbij is wel van belang dat sommige kosten niet volledig aftrekbaar zijn, zoals de kosten van maaltijden. 

Ritten die starten op meer dan 50 km van het woonadres

De regeling geldt ook voor internationale ritten die starten op meer dan 50 kilometer van het woonadres van de ondernemer. Dit geldt ook als deze ritten korter duren dan 24 uur. 

In dat geval moet je wel voldoen aan de volgende voorwaarden:

  • Deze ritten vinden plaats op aaneengesloten dagen, eventueel met ritten waarbij men meer dagen aaneengesloten in het buitenland verblijft.
  • Het traject van elke rit bevindt zich in zijn geheel buiten een afstand van 50 km van het woonadres van de ondernemer.

Niet voor bv’s

Transportondernemers met een bv kunnen de regeling niet toepassen. Eigen rijders met een bv kunnen hun verblijfkosten wel onbelast door de bv laten vergoeden volgens de regels die gelden voor werknemers.

Vanaf 6 mei 2026 subsidie voor flexibel elektriciteitsverbruik

By nieuws

Subsidie voor meer ondernemers beschikbaar

Dit jaar kunnen alle ondernemers met een grootverbruikaansluiting (een elektriciteitsaansluiting die groter is dan 3×80 ampère) de subsidie aanvragen. Huurders zonder eigen aansluit- en transportovereenkomst kunnen de subsidie dit jaar niet meer aanvragen, maar de eigenaar van het pand mogelijk wel. Nieuw is verder dat alleen voor maatregelen die samen 100 kW (flexibel) vermogen hebben, nog een congestiemanagementcontract nodig is. Bij een geringer vermogen is een dergelijk contract dus niet meer nodig.

Let op! Heb je een congestiemanagementcontract nodig, vraag dit dan op tijd aan bij je netbeheerder. De aanvraag kan namelijk enkele maanden in beslag nemen. 

Waarvoor subsidie?

Je kunt subsidie krijgen voor een flexibiliteitscan, een haalbaarheidsstudie of voor de te nemen flexibiliteitsmaatregelen zelf. Via de scan wordt duidelijk welke flexibiliseringsmogelijkheden je hebt en via de haalbaarheidsstudie weet je welke maatregelen technisch haalbaar zijn. Ook voor de maatregelen die je uiteindelijk neemt, is subsidie beschikbaar. Denk aan maatregelen voor het opslaan van energie of voor het omzetten van energie in een andere energievorm.

Omvang subsidie
Voor een flexibiliteitscan en een haalbaarheidsstudie krijg je 50% van de gemaakte kosten vergoed, net zoveel als vorig jaar. De maximumsubsidie voor een flexibiliteitsscan is € 10.000 en voor een haalbaarheidsstudie € 125.000. De haalbaarheidsstudie kent een minimumbedrag van € 10.000. De subsidie voor te nemen flexibiliseringsmaatregelen is verhoogd van 35% naar 40% en bedraagt minimaal € 25.000 en maximaal € 300.000. Alleen voor landbouwbedrijven geldt een maximum van € 50.000. In totaal is € 29 miljoen aan subsidie beschikbaar.

Let op! Het budget wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst. Wacht daarom niet te lang met je aanvraag.

Aanvragen subsidie

Je kunt de Flex-e subsidie aanvragen bij RVO van 6 mei 2026 9.00 uur tot 15 oktober 2026 17.00 uur.

Let op!  Alles over de subsidie en de voorwaarden is te vinden op de website van RVO.

Aanslagen IB niet-winst naar keuze alleen nog digitaal

By nieuws

Berichtenbox

Via mijn.overheid.nl kun je met behulp van DigiD toegang krijgen tot je berichtenbox. Dit is je persoonlijke digitale brievenbus voor post van de overheid. Toegang is ook mogelijk met behulp van de app Berichtenbox.

Tip! Je kunt aangeven een email te willen ontvangen als er nieuwe post in je berichtenbox is bezorgd en een herinnering krijgen als er nog ongelezen post in je berichtenbox zit.

Uitbreiding

In de berichtenbox kun je aangeven van welke organisaties je de post digitaal wilt ontvangen. Vanaf 8 december 2025 was het al mogelijk om aan te geven dat je de uitnodiging tot het doen van aangifte IB alleen digitaal van de Belastingdienst wilt ontvangen. Vanaf 1 mei 2026 kan dat dit ook voor de voorlopige en definitieve aangifte IB niet-winst. De uitbreiding met de nieuwe mogelijkheden past in het streven het totale berichtenverkeer van de Belastingdienst digitaal te versturen.

Tip! Een eenmaal gemaakte keuze kan altijd worden herzien, zodat je vanaf dat moment de post van de Belastingdienst weer op papier ontvangt.

Let op! De gemaakte keuze geldt per direct, dus ook voor aanslagen en voorlopige aanslagen IB niet-winst 2025..

Minder papier en porto

De digitalisering heeft als voordeel dat de Belastingdienst fors bespaart op de kosten van papier en porto. Inmiddels hebben al zo’n drie miljoen burgers ervoor gekozen de post van de Belastingdienst alleen digitaal te willen ontvangen. De Belastingdienst verwacht eind 2026 ongeveer negen miljoen minder brieven verstuurd te hebben.

Arbeidsovereenkomst bij uurtarief tot € 38?

By nieuws

Rechtsvermoeden bij uurtarief tot € 38

Na inwerkingtreding van de wet wordt de persoon die voor een ander arbeid verricht tegen een beloning van minder dan € 38,00 per uur, vermoed een arbeidsovereenkomst te hebben bij die ander.

Op deze manier wordt de rechtspositie van deze werkenden beschermd. Overigens betreft het een weerlegbaar rechtsvermoeden. Dit betekent dat opdrachtgevers het rechtsvermoeden kunnen tegenspreken door aan te tonen dat er geen sprake is van een arbeidsovereenkomst. Slaagt de opdrachtgever hier niet in, dan is er sprake van schijnzelfstandigheid en bestaat er recht op de bescherming die het arbeidsrecht biedt, zoals recht op doorbetaalde vakantie en ontslagbescherming. 

Het kabinet verwacht dat dit rechtsvermoeden in de praktijk een preventieve en normerende werking heeft, zodat kwetsbare werkenden minder snel in een situatie van schijnzelfstandigheid terechtkomen.

Indexatie op basis van de cao-loonontwikkeling

De Tweede Kamer heeft nog een belangrijk amendement aangenomen. Het was de bedoeling om genoemd uurtarief twee keer per jaar aan te passen in lijn met de aanpassingen van het wettelijk minimumloon. Op basis van het aangenomen amendement zal de indexatie van het uurtarief echter plaatsvinden aan de hand van de cao-loonontwikkeling.

Beoogde inwerkingtreding 1 juli 2026

 De inwerkingtreding van het rechtsvermoeden op basis van het uurtarief is 1 juli 2026. De Tweede Kamer heeft dus al ingestemd, maar de Eerste Kamer moet zich hierover nog buigen.

Wijzigingen motorrijtuigenbelasting per 1 juli 2026

By nieuws

Vrachtwagenheffin

Vanwege de invoering van de vrachtwagenheffing per 1 juli 2026, wordt de mrb voor vrachtwagens lager. Via de vrachtwagenheffing moet op bijna alle snelwegen en een aantal andere wegen voortaan een heffing per gereden kilometer worden betaald. De omvang van de heffing hangt onder meer af van de uitstoot van CO2. Op de website van RDW kun je berekenen wat het bedrag per kilometer wordt.

 

Let op! In de Tweede Kamer is een motie aangenomen waarin de regering onder meer verzocht wordt op de vrachtwagenheffing zo snel mogelijk te verlagen.

 

Vermindering mrb

De vermindering van de mrb hangt onder meer af van het gewicht van de vrachtauto, het aantal assen en van de vraag of er al dan niet sprake is van luchtvering en een koppelinrichting, waarmee een aanhangwagen of oplegger verbonden kan worden. Zo bedraagt bijvoorbeeld de maximale mrb vanaf 1 juli 2026 €232,25 per drie maanden voor een vrachtauto van 40 ton of meer met koppelinrichting en zonder luchtvering, terwijl dit nu nog €752 is.

 

Let op! Voor alle vrachtwagens tot 12.000 kg verdwijnt de mrb zelfs helemaal. Ditzelfde geldt voor bepaalde vrachtwagens die zwaarder zijn, afhankelijk van het gewicht, het aantal assen, wel of geen koppeling en wel of geen luchtvering. De nieuwe tarieven vind je op de website van de Belastingdienst.

 

Bijzondere tarieven vervallen

Per 1 juli 2026 vervalt ook een aantal bijzondere tarieven in de mrb. Dit zijn de bijzondere tarieven voor personen- en vrachtauto’s die zijn ingericht als werktuig of werkplaats, voor personen- of vrachtauto’s die alleen gebruikt worden voor het vervoer van kermis- of circusbenodigdheden en voor rijdende winkels. Voor deze voertuigen moet vanaf 1 juli 2026 het volledige tarief voor personen- respectievelijk vrachtauto’s betaald worden. 

Bedrijfsvoertuigenpark

Ook de speciale regeling voor bedrijfsvoertuigenparken vervalt per 1 juli 2026. Via deze regeling kan een bedrijf nu nog mrb terugvragen als het meer vrachtauto’s dan aanhangwagens bezit, gebaseerd op de combinatie. Je kunt via een speciaal formulier op de website van de Belastingdienst over de periode 1 juli 2026 nog mrb terugvragen. 

Vanaf wanneer nieuwe tarief?

Je betaalt de mrb altijd per drie maanden. De nieuwe tarieven gaan in vanaf het eerste tijdvak dat begint vanaf 1 juli 2026. Loopt je tijdvak bijvoorbeeld van 10 april 2026 tot en met 9 juli 2026? Dan betaal je pas het nieuwe tarief vanaf 10 juli 2026.

 

Let op!Is een voertuig geschorst en gaat het na 1 juli weer uit de schorsing, dan betaal je het nieuwe tarief vanaf de datum dat het voertuig uit de schorsing gaat.

Let op!  Je kreeg uiterlijk eind april 2026 een brief over deze wijzigingen.

Verhuur squash- en padelbanen zonder btw

By nieuws

Verhuur squash- en padelbanen

Deze ondernemer exploiteert squash- en padelbanen. Bij de banen is ook een horecagelegenheid gevestigd. Sporters kunnen via een online reserveringssysteem een baan huren op een bepaald tijdstip voor een bepaalde duur. De sporter kan dit doen op basis van een abonnement of voor een tarief per tijdseenheid.

De sporter verkrijgt na online reservering het exclusieve gebruiksrecht tot die specifieke baan. Er is geen personeel aanwezig op de banen. Het personeel van de horecagelegenheid open en sluit het pand en doet de lichten aan vanaf achter de horecabar. Het horecapersoneel heeft verder geen zicht op de banen en houdt daarop ook geen toezicht.

Vrijgesteld van btw?

De ondernemer vindt dat de verhuur van de squash- en padelbanen aan particuliere sporters is aan te merken als de verhuur van een onroerende zaak. Hiervoor geldt een btw-vrijstelling en daarom kan de verhuur plaatsvinden zonder btw.

9% btw?

De Belastingdienst vindt dat de verhuur is aan te merken als het gelegenheid geven tot sportbeoefening. De Belastingdienst meent bovendien dat geen sprake is van kale verhuur van een onroerende zaak omdat de ondernemer aanvullende diensten verricht zoals het beschikbaar stellen van kleed- en doucheruimte, sanitair en een horecagelegenheid. Voor gelegenheid geven tot sportbeoefening geldt het 9% btw-tarief.

Rechtbank: btw-vrijstelling

De rechtbank is het met de ondernemer eens. De particulier sporter verkrijgt na een online reservering het exclusieve gebruiksrecht om op een bepaalde datum gedurende een bepaalde tijd de baan te gebruiken. Anderen kunnen van die baan dan niet gebruikmaken. Daarmee is volgens de rechtbank sprake van btw-vrijgestelde verhuur van een onroerende zaak.

Kleedkamers en horeca maken dat niet anders

De kleed- en doucheruimtes, toiletten en de aanwezige horeca maken volgens de rechtbank niet dat in deze casus sprake is van meer dan het passief ter beschikking stellen van een baan aan een sporter. Ook het feit dat de huurders van plan zijn om de baan te gebruiken om te gaan sporten, maakt dat niet anders.

De ondernemer kan daarom zijn squash- en padelbanen verhuren zonder btw.

Let op! Deze uitspraak betekent niet dat elke squash -en padelbaan in Nederland nu zonder btw verhuurd kan worden. In vergelijkbare gevallen kan een beroep gedaan worden op de uitspraak van de rechtbank, maar houd er rekening mee dat de Belastingdienst tegen deze uitspraak mogelijk nog in beroep gaat. Wijkt de verhuur van een squash- en padelbaan af van de hiervoor beschreven casus, dan is de kans aanwezig dat die verhuur wel kwalificeert als gelegenheid geven tot sportbeoefening. Bespreek je eigen situatie daarom met een van onze adviseurs.