All Posts By

Minimumjeugdloon per 2027 omhoog

By nieuws

Hoger percentage

Het minimumjeugdloon geldt voor jongeren van 15 tot en met 20 jaar. Het is een leeftijdsafhankelijk percentage van het minimumloon van een werknemer van 21 jaar of ouder. Per 1 januari 2027 gaan de percentages voor jongeren in de leeftijd van 16 tot en met 20 jaar omhoog. Voor jongeren van 15 jaar geldt dit niet en blijft het percentage gehandhaafd op 30%.

BBL-studenten

Werknemers in de bbl in het middelbaar beroepsonderwijs van 18 tot en met 20 jaar krijgen op dit moment een lager percentage dan hun leeftijdgenoten die geen bbl volgen. Dit wijzigt met ingang van 2027. Het minimumjeugdloon voor studenten in de bbl wordt dan gelijkgetrokken met het reguliere minimumjeugdloon.

In de volgende tabellen zijn het huidige minimum(jeugd)loon en de huidige en toekomstige percentages vanaf 1 januari 2027 opgenomen.

Tabel regulier minimumjeugdloon

Leeftijd Huidig bedrag Huidig percentage Percentage 2027

21 jaar en ouder

 € 14,71 100% 100%
20 jaar  € 11,77 80% 87,5%
19 jaar  € 8,83 60% 75%
18 jaar  € 7,36 50% 62,5%
17 jaar  € 5,81 39,5% 50%
 16 jaar  € 5,07 34,5% 40%
 15 jaar  € 4,41 30% 30%

Tabel minimumjeugdloon bbl

Leeftijd Huidig bedrag Huidig percentage Percentage 2027

21 jaar en ouder

€ 14,71 100% 100%
20 jaar € 9,05 61,5 % 87,5%
19 jaar € 7,73 52,5% 75%
18 jaar € 6,69 45,5% 62,5%
17 jaar € 5,81 39,5% 50%
16 jaar € 5,07 34,5% 40%
15 jaar € 4,41 30% 30%

Let op!Het minimumloon wordt altijd per 1 januari en 1 juli geïndexeerd. De bedragen per 1 januari 2027 zullen dus ten opzichte van de huidige bedragen niet alleen verhoogd worden door de verhoging van het percentage, maar ook door de indexatie per 1 juli 2026 en per 1 januari 2027.

Kabinetsmaatregelen in verband met onrust Midden-Oosten

By nieuws

Maatregelen in verband met hoge energieprijzen

In verband met de hoge energieprijzen wil het kabinet de volgende maatregelen nemen:

  • Verhogen van de onbelaste reiskostenvergoeding van € 0,23 naar € 0,25 per kilometer. Deze verhoging gaat bij beleidsbesluit over ongeveer drie maanden in en heeft dan terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026. Let wel, dit betreft een mogelijkheid voor werkgevers om een hogere reiskostenvergoeding onbelast te geven. Het is dus geen verplichting.
  • Tijdelijk halveren van de motorrijtuigenbelasting (mrb) voor grijze kentekens (bestelauto’s voor ondernemers) voor de periode 1 juli 2026 tot en met 31 december 2026.
  • Tijdelijk verlagen van de mrb voor vrachtauto’s naar nul voor de periode 1 juli 2026 tot en met 31 december 2026.
  • Vrijmaken van:
    o € 40 miljoen in 2026 en € 155 miljoen in 2027 voor een Noodfonds Energie, waarmee de meest kwetsbare huishoudens met een hoge energierekening in de winter geholpen kunnen worden,
    o € 25 miljoen in 2026 voor energie-efficiëntieregelingen in de visserijsector,
    o € 25 miljoen in 2026 voor subsidies om gebruik van energie en kunstmest in land- en tuinbouw te verminderen.
  • Verlengen van de Garantie Ondernemingsfinanciering (GO) voor vijf jaar per 1 juli 2026 met een garantieplafond van € 300 miljoen.
  • Verhoging van het borgstellingsdeel in de Borgstelling MKB-krediet (BMKB) van 50% naar 75% voor de periode 1 juli 2026 tot 1 juli 2027.

Vermindering gebruik fossiele energie

Om Nederland minder afhankelijk te maken van fossiele energie wil het kabinet de volgende maatregelen nemen:

  • Verhogen van de Energie-investeringsaftrek (EIA) per 1 januari 2027 van 40% naar 45,5%.
  • Het invoeren van een inruilregeling in het vierde kwartaal 2026 waarbij huishoudens met een lager of middeninkomen een oude fossiele auto (emissieklasse 1 tot en met 4) kunnen laten slopen en met subsidie een elektrische tweedehandse auto kunnen aanschaffen (hiervoor is in 2026 € 2 miljoen, in 2027 € 30 miljoen en in 2028 € 20 miljoen vrijgemaakt).
  • Vrijmaken van:
    o € 180 miljoen extra in 2026 voor het Nationaal Warmtefonds waaruit woningeigenaren een lening kunnen krijgen om hun woning te verduurzamen,
    o € 40 miljoen in 2026 en € 40 miljoen in 2027 voor Energiefixers (professionals die langsgaan bij huishoudens om kleine- en middelgrote energiebesparende maatregelen te nemen),
    o € 25 miljoen in 2027 voor verduurzamingsubsidies voor VvE’s,
    o € 5 miljoen per jaar in de jaren 2026, 2027 en 2028 voor het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid waarmee huishoudens in energiearmoede ontzorgd worden bij het financieren van de verduurzaming van hun koopwoning,
    o € 23 miljoen in 2027 en € 8 miljoen in 2028 voor duurzaamheidsleningen voor het mkb via Qredits en een uitbreiding van het ontzorgingsprogramma op dit terrein.

Dekking

Om de kosten van deze maatregelen te dekken wil het kabinet onder meer:

  • De startersaftrek zonder overgangsrecht per 1 januari 2027 afschaffen.
  • Het maximale investeringsbedrag in de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA) per 1 januari 2027 verlagen door het afbouwpercentage aan te passen en het plateau van investeringsbedragen in te korten.
  • De alcoholaccijns vanaf 2027 indexeren.

Let op! Het kabinet houdt rekening met een verdere verslechtering van de situatie. Het kabinet heeft zich daarop voorbereid door verschillende scenario’s uit te werken

Kabinet geeft meer duidelijkheid over omgang met zzp’ers

By nieuws

Meer duidelijkheid en rust op korte termijn

Het kabinet wil zelfstandigen op korte termijn meer duidelijkheid en rust te geven door middel van een aantal maatregelen.

Schrappen verduidelijkingsdeel Wet Vbar

Door het schrappen van het verduidelijkingsdeel uit de Wet Vbar wil het kabinet rust op de markt brengen en onduidelijkheid wegnemen. Het toetsingskader dat is gebaseerd op actuele rechtspraak zal gepubliceerd worden op www.hetjuistecontract.nl om de duidelijkheid daarover verder te vergroten.

Invoering rechtsvermoeden arbeidsovereenkomst

Het kabinet wil een rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst invoeren bij een uurtarief onder € 38. Als een werkende minder verdient dan dit bedrag, dan wordt hij geacht dit op basis van een arbeidsovereenkomst te doen. Op die manier wordt bescherming gegeven aan een kwetsbare groep werkenden. Het streven is dit rechtsvermoeden uiterlijk op 31 augustus 2026 in het Staatsblad te publiceren.

Communicatiecampagne: zo kan zzp wél

Het kabinet zet in op een communicatiecampagne ‘Zo kan zzp wél’. Hierbij worden opdrachtgevers gewezen op de punten waar ze op moeten letten bij een overeenkomst van opdracht en opdrachtnemers waar zij rekening mee moeten houden bij het aangaan van een arbeidsrelatie. Het kabinet wil daarbij benadrukken dat wanneer geen sprake is van een werknemer, er wel met en als zelfstandige gewerkt kan worden. De bedoeling is om nog voor de zomer met de communicatiecampagne te starten.

Extern ondernemerschap weegt volwaardig mee

De minister verwijst in zijn brief ook naar het antwoord op prejudiciële vragen door de Hoge Raad in de Uber-zaak op 21 februari 2025 en de vervolg-uitspraak van gerechtshof Amsterdam van 27 januari 2026. Daarin is uitgemaakt dat er geen rangorde bestaat tussen de punten uit de Deliveroo-uitspraak die moeten worden meegewogen bij de vraag of sprake is van een arbeidsovereenkomst of niet. Daarbij wordt onder meer gekeken naar ondernemerschap van de werkende buiten de specifieke arbeidsrelatie (‘extern ondernemerschap’).

Actualisatie webmodule en leidraad

De webmodule beoordeling arbeidsrelatie zal worden aangepast door de rol van extern ondernemerschap duidelijk te benoemen bij de startpagina. Ook de leidraad die binnen de Rijksoverheid wordt gebruikt wordt herzien op basis van de meest recente rechtspraak. Er wordt binnen afzienbare termijn een hierop gebaseerd beslis- en afwegingskader gepubliceerd op de websites van de Belastingdienst en hetjuistecontract.nl.

Overheid geeft goede voorbeeld

Om draagvlak te creëren dient de overheid het goede voorbeeld te geven. Het streven is daarom de schijnzelfstandigheid naar nul te brengen en niet onnodig categorisch zzp’ers uit te sluiten. 
Erkenning zelfstandige en schijnzelfstandigheid tegengaan

Het kabinet wil verder de zelfstandige erkennen en schijnzelfstandigheid tegengaan door middel van onder meer de nieuwe Zelfstandigenwet.

Nieuwe Zelfstandigenwet

Het kabinet wil zo snel mogelijk aan de slag met een Zelfstandigenwet, zodat zelfstandigen de erkenning krijgen die ze verdienen. Het eerder ter internetconsultatie voorgelegde initiatiefwetsvoorstel zal als basis dienen. Voor de zomer zal de Tweede Kamer over de vervolgstappen worden geïnformeerd.

Geen zigzagbeleid: handhaving blijft nodig

Het kabinet blijft handhaven op schijnzelfstandigheid, met oog voor de menselijke maat. Ook op de lange termijn. De handhaving heeft de bewustwording over wet- en regelgeving vergroot. 
Naar een gelijker speelveld: goede vertegenwoordiging in de polder

De afgelopen jaren is er meer aandacht geweest voor de vertegenwoordiging van zelfstandigen in diverse overleggen, zoals binnen de Sociaal-Economische Raad (SER). Dit heeft tot gevolg gehad dat het perspectief van zelfstandigen meer wordt meegewogen in beleidsvorming.

Vanaf 6 mei 2026 subsidie voor flexibel elektriciteitsverbruik

By nieuws

Subsidie voor meer ondernemers beschikbaar

Dit jaar kunnen alle ondernemers met een grootverbruikaansluiting (een elektriciteitsaansluiting die groter is dan 3×80 ampère) de subsidie aanvragen. Huurders zonder eigen aansluit- en transportovereenkomst kunnen de subsidie dit jaar niet meer aanvragen, maar de eigenaar van het pand mogelijk wel. Nieuw is verder dat alleen voor maatregelen die samen 100 kW (flexibel) vermogen hebben, nog een congestiemanagementcontract nodig is. Bij een geringer vermogen is een dergelijk contract dus niet meer nodig.

Let op! Heb je een congestiemanagementcontract nodig, vraag dit dan op tijd aan bij je netbeheerder. De aanvraag kan namelijk enkele maanden in beslag nemen. 

Waarvoor subsidie?

Je kunt subsidie krijgen voor een flexibiliteitscan, een haalbaarheidsstudie of voor de te nemen flexibiliteitsmaatregelen zelf. Via de scan wordt duidelijk welke flexibiliseringsmogelijkheden je hebt en via de haalbaarheidsstudie weet je welke maatregelen technisch haalbaar zijn. Ook voor de maatregelen die je uiteindelijk neemt, is subsidie beschikbaar. Denk aan maatregelen voor het opslaan van energie of voor het omzetten van energie in een andere energievorm.

Omvang subsidie
Voor een flexibiliteitscan en een haalbaarheidsstudie krijg je 50% van de gemaakte kosten vergoed, net zoveel als vorig jaar. De maximumsubsidie voor een flexibiliteitsscan is € 10.000 en voor een haalbaarheidsstudie € 125.000. De haalbaarheidsstudie kent een minimumbedrag van € 10.000. De subsidie voor te nemen flexibiliseringsmaatregelen is verhoogd van 35% naar 40% en bedraagt minimaal € 25.000 en maximaal € 300.000. Alleen voor landbouwbedrijven geldt een maximum van € 50.000. In totaal is € 29 miljoen aan subsidie beschikbaar.

Let op! Het budget wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst. Wacht daarom niet te lang met je aanvraag.

Aanvragen subsidie

Je kunt de Flex-e subsidie aanvragen bij RVO van 6 mei 2026 9.00 uur tot 15 oktober 2026 17.00 uur.

Let op!  Alles over de subsidie en de voorwaarden is te vinden op de website van RVO.

Kosten woon- tevens werkkamer ook tijdens corona niet aftrekbaar

By nieuws

Aftrek kosten werkruimte

Een ondernemer die een werkruimte in zijn woning gebruikt voor zijn onderneming, kan de kosten van die werkruimte meestal niet in aftrek brengen. Aftrek is alleen mogelijk voor een werkruimte die naar verkeersopvattingen zelfstandig is. Om zelfstandig te zijn moet een werkruimte bijvoorbeeld een eigen ingang of opgang en sanitaire voorzieningen hebben.

Let op! Naast het criterium van een zelfstandige werkruimte moet de ondernemer ook zijn winst in die werkruimte verdienen. Heeft de ondernemer ook nog een andere werkruimte niet in de woning, dan moet de ondernemer zijn winst voor 90% of meer in of vanuit de werkruimte 
verdienen en voor 70% of meer in de werkruimte.

Werkruimte tijdens coronacrisis

Een onderneemster die al jaren lesgaf bij diverse sportscholen en organisaties, wilde in haar aangifte inkomstenbelasting 2020 het deel van de huur dat betrekking had op haar woonkamer, in aftrek brengen.

Tijdens de coronacrisis maakte de onderneemster vanuit de woonkamer podcasts en instructievideo’s. De woonkamer had volgens de onderneemster een eigen deur en zij gebruikte de woonkamer als studioruimte voor de digitale lessen. Zij gaf aan in de keuken en slaapkamer van het appartement te wonen. De onderneemster vond dat wat naar verkeersopvattingen als zelfstandig moet worden aangemerkt, gedurende de coronacrisis was veranderd, omdat er over het algemeen thuis werd gewerkt. De woonkamer was in haar geval dan ook een zelfstandige werkruimte, vond zij.

Geen werkruimte

Een gerechtshof wast het daar niet mee eens. De toiletruimte was onderdeel van het appartement als geheel en geen onderdeel van de woonkamer. De woonkamer kon daarom niet als zelfstandig worden aangemerkt. Dat tijdens de coronacrisis over het algemeen thuisgewerkt werd, maakte niet dat de woonkamer daarmee ineens zelfstandigheid verkreeg, aldus het gerechtshof. Eindconclusie was dat de onderneemster geen recht had op aftrek van de huurkosten met betrekking tot de woonkamer.

Tip!  Wil je weten of de werkruimte in jouw woning kan worden bestempeld als zelfstandige werkruimte? Overleg daarover dan met een van onze adviseurs.

 

Arbeidsovereenkomst bij uurtarief tot € 38?

By nieuws

Rechtsvermoeden bij uurtarief tot € 38

Na inwerkingtreding van de wet wordt de persoon die voor een ander arbeid verricht tegen een beloning van minder dan € 38,00 per uur, vermoed een arbeidsovereenkomst te hebben bij die ander.

Op deze manier wordt de rechtspositie van deze werkenden beschermd. Overigens betreft het een weerlegbaar rechtsvermoeden. Dit betekent dat opdrachtgevers het rechtsvermoeden kunnen tegenspreken door aan te tonen dat er geen sprake is van een arbeidsovereenkomst. Slaagt de opdrachtgever hier niet in, dan is er sprake van schijnzelfstandigheid en bestaat er recht op de bescherming die het arbeidsrecht biedt, zoals recht op doorbetaalde vakantie en ontslagbescherming. 

Het kabinet verwacht dat dit rechtsvermoeden in de praktijk een preventieve en normerende werking heeft, zodat kwetsbare werkenden minder snel in een situatie van schijnzelfstandigheid terechtkomen.

Indexatie op basis van de cao-loonontwikkeling

De Tweede Kamer heeft nog een belangrijk amendement aangenomen. Het was de bedoeling om genoemd uurtarief twee keer per jaar aan te passen in lijn met de aanpassingen van het wettelijk minimumloon. Op basis van het aangenomen amendement zal de indexatie van het uurtarief echter plaatsvinden aan de hand van de cao-loonontwikkeling.

Beoogde inwerkingtreding 1 juli 2026

 De inwerkingtreding van het rechtsvermoeden op basis van het uurtarief is 1 juli 2026. De Tweede Kamer heeft dus al ingestemd, maar de Eerste Kamer moet zich hierover nog buigen.

Niet verzekerde zorgkosten wel fiscaal aftrekbaar?

By nieuws

Aftrek zorgkosten

Zorgkosten die niet worden gedekt door de verzekering zijn, onder voorwaarden, aftrekbaar van uw inkomen. Niet alle zorgkosten zijn aftrekbaar, ook geldt er een drempel, wat betekent dat u een bepaald deel van uw zorgkosten niet in aftrek kunt brengen. Hoe hoger uw inkomen, hoe hoger ook de drempel. Verder kunt u zorgkosten slechts aftrekken tegen maximaal 37,56% (2026). 

Tip! De Belastingdienst heeft alle regels over aftrek zorgkosten handig op een rij gezet.

Gevluchte studente

Voor de rechtbank Zeeland-West-Brabant kwam de vraag aan de orde of een uit Iran gevluchte studente haar zorgkosten kon aftrekken. De studente verbleef heel 2020 in Nederland, maar had pas in juni van dat jaar een zorgverzekering afgesloten. De discussie spitste zich toe op de vraag of ook de zorgkosten die vóór juni 2020 gemaakt waren, aftrekbaar waren.

Verplicht verzekerd of niet?

Cruciaal was de vraag of de studente tot juni 2020 verplicht verzekerd was of niet. Zo kunnen ook rechtmatig in Nederland verblijvende vreemdelingen onder voorwaarden verzekerd zijn. De rechtbank was van mening dat de bewijslast voor het al dan niet verplicht verzekerd zijn bij de belastingplichtige lag, bij de studente dus.

Aanwijzingen onvoldoende

De studente slaagde er niet in aan te tonen dat ze vóór juni 2020 niet verplicht verzekerd behoorde te zijn. Ze woonde in heel 2020 in Nederland en werd als binnenlandse inwoner aangemerkt. Er waren weliswaar aanwijzingen dat zij mogelijk tot juni 2020 niet verplicht verzekerd was, maar dit vond de rechtbank onvoldoende.

Eerder afsluiten verzekering onmogelijk

De studente lichtte nog toe dat zij een internationale studente was, gevlucht was uit Iran en dat het daarom voor haar pas mogelijk was om een zorgverzekering af te sluiten toen zij in juni 2020 arbeid ging verrichten. Helaas vielen deze argumenten niet onder de bewijslast dat zij niet verzekerd behoorde te zijn. De aanwijzingen vond de rechtbank dan ook onvoldoende om te kunnen concluderen dat ze tot die tijd niet verzekeringsplichtig was. De aftrek van de zorgkosten van voor 20 juni 2020 werd dan ook niet toegestaan.

Handboek Ondernemen 2026 handig voor starters

By nieuws

Onderverdeling

Het Handboek kent een onderverdeling in 15 hoofdstukken. Gestart wordt met algemene informatie, zoals het verschil in diverse rechtsvormen en de eisen die gesteld worden aan uw administratie. Vervolgens wordt uitgebreid ingegaan op specifieke fiscale regelgeving over onder meer aftrekbare kosten en vrijstellingen.

Specifieke regelgeving

Het Handboek besteedt verder uitgebreid aandacht aan onder meer de fiscale aspecten inzake uw bedrijfsruimte, investeringen en de omzetbelasting. Ook de auto en fiets van de zaak komen uitgebreid aan bod, waarbij ook wordt ingegaan op de fiscale verschillen tussen de auto van de zaak en de privéauto die zakelijk wordt gebruikt.

Personeel

Ook de fiscale regels rond het in dienst hebben van personeel komen aan bod. In een apart hoofdstuk komen ook andere vormen van samenwerking met derden aan bod, zoals de in de onderneming meewerkende partner, stagiairs en freelancers.

Buitenland

Ondernemers die zakendoen met het buitenland vinden ook informatie, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen landen binnen en buiten de EU. Ook wordt een onderscheid gemaakt tussen het verhandelen van goederen en het leveren van diensten.

Aangifte doen

In het Handboek vindt u verder informatie over alle aspecten die samenhangen met de diverse aangiftes, zoals de aangifte inkomstenbelasting, btw en loonheffingen. Ingegaan wordt onder meer op het indienen van een bezwaar of beroep en de gevolgen van het niet tijdig betalen van uw belastingen.

Het Handboek Ondernemen 2026 is hier te downloaden.

Vanaf 1 mei ander rekeningnummer voor Belastingdienst

By nieuws

Wat betekent dit voor jou?

Als je belasting moet betalen, krijg je hierover bericht van de Belastingdienst. Het nieuwe rekeningnummer staat bij het bericht over de te betalen belasting.

Let op! Het nieuwe rekeningnummer heeft geen gevolgen voor de manier van betalen. Zo blijven bijvoorbeeld internetbetalingen gewoon mogelijk.

Het meest gebruikte nieuwe rekeningnummer van de Belastingdienst wordt NL04 RABO 0200112244. Maar let op, voor sommige belastingen worden andere nieuwe rekeningnummers gebruikt.

Let op bij periodieke betalingen

Betaal je de Belastingdienst periodiek via een automatische incasso, dan hoef je niets te doen. De betalingen worden automatisch overgemaakt naar het nieuwe rekeningnummer.

Je moet alleen opletten wanneer je een periodieke betaling anders hebt geregeld, bijvoorbeeld via een periodieke overboeking bij je bank. In dat geval moet je wel zelf zorgen dat het rekeningnummer wordt aangepast.

Gebruik oude nummer gaat (nog) goed

Gebruik je per ongeluk het ‘oude’ rekeningnummer voor een betaling aan de Belastingdienst, dan wordt je betaling vooralsnog gewoon doorgesluisd naar de Belastingdienst en daar verwerkt. De Belastingdienst heeft hierover afspraken gemaakt met de ING, zodat belastingplichtigen niet de dupe worden.

Vanaf 20 april 2026 ander nummer inkomstenbelasting

Voor het betalen van een voorlopige of definitieve aanslag inkomstenbelasting, kun je al vanaf 20 april 2026 het nieuwe rekeningnummer gebruiken. 

Toeslagen

De Dienst Toeslagen stapt ook over naar de Rabobank en heeft vanaf 1 mei 2026 dus ook een nieuw rekeningnummer. Vanaf die datum kun je aan de Dienst Toeslagen betalen op het nieuwe rekeningnummer NL04 RABO 0200112244. Uitbetalen vanaf dit nummer doet de Dienst Toeslagen voor het eerst op maandag 22 juni 2026.

Let op!Ook hier geldt dat bij betaling op het oude rekeningnummer, de betaling vooralsnog wordt doorgesluisd naar het nieuwe rekeningnummer.

Belastingdienst waarschuwt voor phishing

Vanwege de wijziging van de rekeningnummers, waarschuwt de Belastingdienst nadrukkelijk voor phishing. Criminelen proberen namelijk regelmatig via e-mail, sms, whatsapp of per telefoon een niet-bestaande belastingschuld bij belastingplichtigen te innen. De Belastingdienst int belastingen echter nooit op die manier. Twijfelt u of een bericht echt is, volg dan het stappenplan op de website van de Belastingdienst en controleer het rekeningnummer. 

 

Gebruikelijk loon bij meerdere bv’s

By nieuws

Gebruikelijk loon tot en met € 5.000

Als u zo weinig werkzaamheden voor uw bv verricht dat hier een gebruikelijk loon bij hoort van maximaal € 5.000 op jaarbasis, hoeft u geen gebruikelijk loon in aanmerking te nemen.

Let op! Van deze regel mag u alleen gebruikmaken als u ook daadwerkelijk geen loon uitkeert.

Loon verbonden lichamen telt mee

Voor de beoordeling van de maximaal € 5.000 op jaarbasis tellen uw werkzaamheden en het daarbij horende gebruikelijk loon mee van uw bv, maar ook van zogenaamde verbonden lichamen.

Dga in meer bv’s

In dat verband heeft de Belastingdienst laten weten dat in de volgende situatie sprake is van verbonden lichamen. Een dga heeft een 100% belang in bv X en een 100% belang in bv Y. Voor de werkzaamheden in bv X geldt geen hoger loon dan € 5.000. Dit geldt ook voor bv Y. Worden de werkzaamheden voor bv X en bv Y bij elkaar opgeteld, dan geldt wel een hoger loon dan € 5.000.

De Belastingdienst vindt dat bv X en bv Y verbonden lichamen zijn en dat daarom de regel van het maximale loon van € 5.000 niet opgaat. Zowel in bv X als in bv Y moet daarom een gebruikelijk loon in aanmerking worden genomen.

Ook bij een derde belang of meer

In de aan de Belastingdienst voorgelegde casus had de dga een belang van 100% in beide bv’s. Houd er echter rekening mee dat de Belastingdienst bij een belang van 33,33% of hoger ook zal oordelen dat er sprake is van verbonden lichamen.

Inhoudingsplicht bv X én bv Y?

Het standpunt van de Belastingdienst betekent dat zowel bv X als bv Y inhoudingsplichtig worden voor de dga en een loonadministratie moeten voeren. Deze extra administratieve last kan voorkomen worden als in plaats van de dga, bv Y de opdracht heeft om de werkzaamheden in bv X te verrichten. Of als bv Y de dga in het kader van zijn dienstverband bij bv Y ter beschikking stelt aan bv X voor het uitoefenen van de werkzaamheden in bv X. Als de vergoeding door bv X dan niet rechtstreeks aan de dga betaald wordt, maar aan bv Y, kan de doorbetaaldloonregeling worden toegepast. In dat geval hoeft bv X geen loonadministratie te voeren, maar wordt bv Y inhoudingsplichtig voor zowel de werkzaamheden in bv X als in bv Y.

Let op! Toepassing van deze alternatieven moet wel op de juiste manier worden uitgevoerd. Overleg daarover daarom met onze adviseurs.